+31 (0)20 - 572 71 90 +31 (0)20 - 572 71 99 info@boontjeadvocaten.nl
Boontje Advocaten || Arbeidsrecht Plus

ActueelFaciliteiten OR: geschil over urenbudget ex artikel 18 WOR

 

Kantonrechter Rechtbank Den Haag zp Den Haag 15 januari 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:524

Als gevolg van een wijziging van de medezeggenschapsstructuur van het ROC Mondriaan College (“ROC”), is het ROC genoodzaakt met de OR in overleg te treden over – onder meer – de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de facilitering van de OR op basis van artikel 18 lid 1 en 2 WOR. Op grond van deze bepaling is de ondernemer verplicht om OR-leden gedurende een door partijen gezamenlijk vast te stellen aantal uren/dagen per jaar in werktijd, met behoud van loon, in de gelegenheid te stellen overleg te voeren en scholing te volgen. Deze uren komen bovenop de (eveneens betaalde) uren die de ondernemer op grond van artikel 17 lid 2 en 3 WOR aan de OR ter beschikking moet stellen voor OR-vergaderingen.

Kern geschil

De kern van het geschil betreft het urenbudget. Nu het overleg tussen partijen en de bemiddeling van zowel FNV Formaat, als de Bedrijfscommissie Markt II niet tot een oplossing hebben geleid, heeft het ROC het urenbudget eenzijdig vastgesteld op 4,5 fte. De OR is daarop een procedure gestart. De OR verzoekt de kantonrechter gemotiveerd om het ROC te gebieden gevolg te geven aan artikel 17 en 18 WOR door met de OR – kort gezegd – overeen te komen dat het urenbudget wordt vastgesteld op 6,1 fte. Het ROC verweert zich en stelt dat 4,5 fte afdoende is, met daarbij de inzet van een ambtelijk secretaris, mede gezien het streven de beperkte financiële middelen zoveel mogelijk voor het onderwijs te gebruiken. Het is dan ook de vraag hoeveel tijd de OR in dit geval in redelijkheid nodig heeft om zijn werk naar behoren te kunnen uitvoeren.

De kantonrechter stelt vast dat beide partijen inzien dat de wettelijke minimumnorm (60 uur per jaar voor overleg/3 tot 8 dagen voor scholing) in dit geval onvoldoende is. Een beslissing zal zijns inziens dan ook tussen de door partijen genoemde bandbreedte moeten liggen (4,5 -6,1 fte). Hij merkt daarbij op dat het eenzijdig door het ROC vastgestelde urenbudget ten opzichte van de OR geen rechtsgevolg heeft, nu het budget in gezamenlijk overleg moet worden vastgesteld. De kantonrechter oordeelt uiteindelijk dat het ROC gevolg dient te geven aan artikel 18 WOR door een faciliteitenregeling van 5,0 fte beschikbaar te stellen, totdat partijen gezamenlijk een ander budget vaststellen.

Commentaar

Deze uitspraak bevestigt dat het eenzijdig vaststellen van een urenbudget geen uitkomst biedt en benadrukt daarmee het belang van de ondernemer om in goed overleg met de OR een urenbudget overeen te komen. In het kader van dit overleg dient in kaart te worden gebracht hoeveel uren de OR naar verwachting nodig zal hebben voor haar wettelijke taken. Taken die de OR wel tot haar takenpakket rekent, maar hiertoe strikt genomen niet behoren, moeten buiten beschouwing worden gelaten. Een overzicht van de uren die de OR in het voorafgaande jaar aan zijn wettelijke taken gespendeerd heeft en een zo concreet mogelijke inschatting van de uren die hiervoor naar verwachting het komende jaar nodig zullen zijn, kunnen partijen een goede leidraad bieden. Daarbij kan uiteraard een onderscheid gemaakt worden tussen enerzijds overleg en anderzijds scholing.

De afspraken die in dit kader met de OR worden gemaakt worden veelal schriftelijk vastgelegd. Het is daarbij verstandig een maximale termijn aan de afspraken te koppelen en de mogelijkheid op te nemen om tussentijds de afspraken te herzien. Dit om toekomstige onderhandelingen te vergemakkelijken en te voorkomen dat de ondernemer op grond van artikel 32 WOR in de toekomst gebonden zal zijn aan een ondernemingsovereenkomst, op basis waarvan het urenbudget veelal zal uitstijgen boven het wettelijke minimum (bron: OR Informatie april 2016).

Carola Meyer-de Swaan

 

Actueel

18/03/2019

Chambers Europe: rankings 2019

  Lees meer
08/01/2019

De Wnra: over een jaar is het zover!

Over een jaar is het zover: de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren treedt in werking. Als Lees meer
16/11/2018

Meer verlof voor partner bij geboorte baby: Wet Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG) aangenomen.

De Eerste kamer heeft op 13 november 2018 het wetsvoorstel Lees meer
15/11/2018

De transitievergoeding – een update

In het kader van de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) heb ik eerder aandacht Lees meer

Quote

 
Delen op