+31 (0)20 - 572 71 90 +31 (0)20 - 572 71 99 info@boontjeadvocaten.nl
Boontje Advocaten || Arbeidsrecht Plus

ActueelOntslagbescherming: is deze ook van toepassing als de OR niet (geheel) voldoet aan de WOR?

 

Hoge Raad 8 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:604

Werknemer is in dienst bij Regiobouw en sinds 2000 lid van de OR. Na afloop van zijn zittingstermijn in 2003 vinden er geen herverkiezingen plaats, zoals de WOR voorschrijft. Desondanks blijft de OR feitelijk wel functioneren, met de werknemer als voorzitter. Regiobouw was hiervan op de hoogte en heeft nooit bezwaren geuit tegen deze wijze van opereren. Integendeel, Regiobouw bleef de OR als zodanig behandelen en inschakelen. Zo werd in 2009 een adviesaanvraag ingediend bij de OR met betrekking tot een voorgenomen reorganisatie. De OR adviseerde positief met als gevolg dat Regiobouw, na het verkrijgen van een ontslagvergunning en voorafgaande toestemming van de kantonrechter (art. 7:670a (oud) BW), de arbeidsovereenkomst met werknemer opzegt. Werknemer vernietigt de opzegging en vordert loondoorbetaling en schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Werknemer stelt dat hij niet mag worden ontslagen, omdat een opzegverbod op grond van de artikelen 7:670 lid 4 en 7:670a (oud) BW van toepassing is. Regiobouw stelt dat er geen OR meer bestaat en dat de werknemer daarom geen ontslagbescherming toekomt. Immers, sinds het verstrijken van de zittingstermijn in 2003 is niet voldaan aan de regels van de WOR, aldus Regiobouw.

Kern geschil

De kern van het geschil betreft de vraag of een werknemer ontslagbescherming toekomt op grond van art. 7:670 lid 4 BW en 7:670a (oud) BW, ingeval de OR niet (geheel) voldoet aan de vereisten van de WOR. Volgens het hof is het standpunt van Regiobouw in strijd met de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid. Het hof stelt dat de artikelen 7:670 lid 4 en 7:670a lid 1 (oud) BW “onder omstandigheden” ook toepassing kunnen vinden ingeval de OR niet in alle opzichten voldoet aan de wettelijke eisen van de WOR, bijvoorbeeld door het achterwege blijven van periodieke verkiezingen. Het hierboven (kort) geschetste feitencomplex is daarbij doorslaggevend. Volgens de HR is voornoemd uitgangspunt juist, gelet op de ratio van de artikelen 7:670 lid 4 en 7:670a lid 1 (oud) BW: bescherming tegen benadeling als gevolg van medezeggenschapsactiviteiten en het waarborgen van de onafhankelijke positie van de daarbij betrokken werknemers.

Commentaar

Uitgangspunt is dat het uitblijven van tijdige verkiezingen vóór het einde van de zittingsperiode met zich  brengt dat aftredende OR-leden hun lidmaatschap verliezen en daarmee – in beginsel – ook hun bijzondere ontslagbescherming. In dit arrest stelt de HR echter dat het niet naleven van de WOR regels rondom verkiezingen “onder omstandigheden” geen reden is om een werknemer zijn ontslagbescherming te ontnemen. De vraag is dan ook van welke “omstandigheden” sprake moet zijn, wil de ontslagbescherming van toepassing blijven. In deze zaak was hiervoor doorslaggevend dat Regiobouw na afloop van de zittingstermijn de onreglementaire OR als reguliere OR bleef behandelen. De A-G wijst in de conclusie dan ook terecht op het feit dat het onredelijk zou zijn als de ondernemer wel de lusten geniet (de OR werd zelfs om advies gevraagd), maar niet de lasten draagt (rechtsbescherming). Dat de OR met medeweten en zonder bezwaar van Regiobouw OR-werkzaamheden bleef uitvoeren, was hier dan ook doorslaggevend. Dit is in lijn met de bestaande rechtspraak. Gezien het voorgaande dienen ondernemers dus bewust om te gaan met een situatie waarin niet  langer aan de WOR voldaan wordt. Zij zullen in een dergelijk geval duidelijk stelling moeten nemen: wel of niet de ontstane situatie accepteren.

Tot slot is van belang dat de systematiek van de opzegverboden onder de WWZ is gewijzigd. Art. 7:670a (oud) BW bestaat niet meer. De in dit oude wetsartikel genoemde werknemers (kandidaat of ex-leden van een medezeggenschapsorgaan) zijn ondergebracht in art. 7:670 lid 10 BW en vallen daarmee onder het reguliere opzegverbod. Het vragen van voorafgaande toestemming van de kantonrechter is dan ook niet meer mogelijk.
(Bron: OR Informatie)

Carola Meyer-de Swaan

 

Actueel

23/05/2019

Werkgever moet arbeidstijd registreren

Het Hof van Justitie EU heeft op 14 mei 2019 geoordeeld dat werkgevers verplicht zijn een systeem Lees meer
06/05/2019

Signalering 2019

  • Verruiming geboorteverlof: per 1 januari 2019 is de Wet Invoering Extra Geboorteverlof Lees meer
18/03/2019

Chambers Europe: rankings 2019

  Lees meer
08/01/2019

De Wnra: over een jaar is het zover!

Over een jaar is het zover: de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren treedt in werking. Als Lees meer

Quote

 
Delen op